|
's-Hertogenbosch
Handel
en Industrie
Ondanks dat ’s-Hertogenbosch niet
bekend staat als een echte industriestad waren er in het verleden
een aantal interessante activiteiten op het gebied van de
nijverheid. 's-Hertogenbosch was nog maar 11 jaar 'oud' of een deel
van de Bosschenaren beschikte al over een bijzonder voorrecht. In
1196 bezorgde hertog Hendrik I zijn stad een flinke steun in de rug.
Hij wist de Duitse keizer te bewegen de mensen uit 'de nieuwe stad
bij het bos' tolvrijheid op de Rijn te verlenen. Dat was in die tijd
zo ongeveer de belangrijkste handelsroute van West-Europa.
|
|
’s-Hertogenbosch heeft geen duidelijk
industriële signatuur. Voor een gedeelte is dat te verklaren omdat
de stad vroeger een vestingstad was. Binnen de stadsmuren waren er
wel vele vormen van nijverheid en aan de handel verbonden
ambachtelijke bedrijven maar voor grootschalige industrie was
gewoonweg geen plek. Na het opheffen van de vestingstatus in 1874 en
de inundatiewet enige jaren later kwamen er meer mogelijkheden.
Niet lang daarna werden lakens, messen, schoenen en spelden als
vermaarde producten van de Bossche nijverheid over de Oostzee, het
Zwin en de Rijn vervoerd. De vele soorten gilden zijn hiervan een voorbeeld. Zo had
bijvoorbeeld de Bossche spelden- en messennijverheid een grote
bekendheid in Europa. De Industriële Revolutie in de negentiende
eeuw ging aan ’s-Hertogenbosch niet voorbij. De stad had een
gevarieerde nijverheid zonder één dominerende bedrijfstak. Het
bedrijfsleven onderging een ingrijpende verandering en ontplooide
zich in de richting van een moderne structuur. Naast deze opkomende
structuur bleef het fenomeen van ambachtelijke nijverheid nog
bestaan. De wederopbouw na de Tweede Wereldoorlog hebben
’s-Hertogenbosch de nodige impulsen gegeven tot opbouw en vestiging
van diverse industrieën.
|
Toch vind je in de stad veel
industrieel erfgoed zeker rond het spoor. Veel oude fabrieken zoals
De Gruyter en de meelfabriek op de Tramkade hebben na hun sluiting
een tweede leven gekregen. Deze gebouwen en bedrijven zijn een
belangrijk onderdeel van het Bossche cultureel erfgoed. De oude
maatschappelijke functie is inmiddels verdwenen maar de bouwwerken
lenen zich bij uitstek voor een nieuwe bestemming zoals horeca,
cultuur, wonen of werken. Voor architecten en bouwkundigen is het
wel een uitdaging om de soms vervallen of in onbruik geraakte panden
zodanig te verbouwen dat ze die nieuwe rol kunnen vervullen.
De economie van 's-Hertogenbosch heeft
zich in de loop der eeuwen ontwikkeld van een handelscentrum tot een
moderne stad met diverse sectoren. De stad vormde eeuwenlang een
economische slagader van de regio en heeft een bloeiende
handelstraditie. Tegenwoordig is de stad 's-Hertogenbosch bekend om
zijn dienstensector, technologiebedrijven en creatieve industrie.
|
 |
|
Grasso’s Koninklijke
Machinefabrieken n.v.
Grasso behoren zijn werkzaam
in de industriële koel techniek. Grasso bestaat ruim 165 jaar en behoort
daarmee tot één van de oudste nog bestaande machinefabrieken van Nederland.
|
|
P. de Gruyter & Zoon
De basis van het bedrijf dat zou uitgroeien
tot het grootste kruideniersimperium van Nederland werd gelegd in 1818 toen
Piet de Gruijter (1795-1867) een magazijn annex winkel begon. |
|
 |
|
 |
|
Mengvoederfabriek Koudijs
In opdracht van de firma
Bruyelle werd hier op het dan toe onbebouwde terrein aan spoorweg en Dieze
in 1909 een meelfabriek gebouwd. |
|
Sigarenfabrieken
In 1826 werd de eerste Nederlandse
sigarenfabriek opgericht. Vijf jaar later kende Den Bosch reeds vijf
'sigarenfabrieken' een aantal dat vier jaar later verdubbeld was. |
|
 |
|
 |
|
De Bossche brouwerijen
Een artikel uit het oudste
Bossche stadsrecht uit 1185 vertelt ons dat aan het eind van de twaalfde
eeuw bier brouwen overwegend huisvrouwenwerk was. |
|
|
|