102. Dymphna
7e eeuw
maagd, martelares

          

        

Beeldbeschrijving: in de samengevouwen handen voor haar borst houdt de gekroonde jonge vrouw een zwaard en een palmtak. Om haar hals hangt een kruisje en met de voeten vertrapt ze een monster.

      
De tot het christendom bekeerde Ierse prinses Dymphna zou in de zevende eeuw hebben geleefd. Toen haar vader Dymphna tot bloedschande wilde verleiden ging zij met haar biechtvader op de vlucht. De heidense koning achterhaalde hen in het Zuid-Nederlandse plaatsje Geel waar Dymphna en de kapelaan Gerebernus door hem werden gedood. In de beeldende kunst wordt Dymphna weergegeven met een door haar vertrapte duivel als symbool voor het door haar overwonnen kwaad. Sinds de ontdekking van haar gebeente te Geel en de vorming van bovenstaande legende in de dertiende eeuw wordt Dymphna vooral in de zuidelijke Nederlanden als patroonheilige van de zwakzinnigen vereerd.